Verklarende woordenlijst

Was

Chemische verbindingen van vetzuren met eenwaardige of meerwaardige macromoleculaire alcoholen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen natuurproducten (dierlijke, plantaardige en minerale wassen), door de chemische industrie nagemaakte natuurproducten en synthetische wassen. Bijenwas behoort tot de dierlijke wassen. Deze was smelt bij ongeveer 65 °C en is kneedbaar. De natuurlijke kleur is lichtgeel tot bruinrood; door bleken kan de was zeer helder worden. Carnaubawas is afkomstig van de bladeren van de carnaubapalm. Deze was smelt bij circa 83 - 90 °C, is harder dan bijenwas ("hardwas") en geel-groenachtig tot grijs van kleur. Van de minerale wassen zijn ceresinewas of aardwas (smeltpunt 40 ... 80 °C) en montaanwas (smeltpunt 70 ... 90 °C) de belangrijkste. Ze worden gewonnen uit aardolie of bruinkool en vormen de basis voor zeer harde, glans gevende, industriële was. Was geeft hout een stompe, zachte en zijdeachtige matglans. Een waslaag is echter niet water-, hitte- of krasbestendig. Daarom wordt er na het inwassen een zwakke mattering of politoer van schellak aangebracht. Als er teveel was wordt aangebracht, dan is de hechtingssterkte van de lak minder. Deze kan door toevoegng van hars worden verbeterd. Geconcentreerde cellulosepreparaten drogen niet op was, maar zijn wel geschikt als ondergrond voor was en kunnen dus eerst worden aangebracht, gevolgd door een waslaag. Het aanbrengen van opgelosten wassen met een kwast of doek. Overtollige was wordt verwijderd met een vochtige doek. Na het drogen wordt het oppervlak met een middelharde borstel of met paardenhaar ingeborsteld en afgeboend. De stompe glans krijgt het oppervlak ten slotte door het afboenen met een schone wollen doek

Back